Vastgoed
Strategisch
Integrale tarieven worden de basis voor de financiering van de gezondheidszorg. Zorginstellingen zijn er daarom bij gebaat strategisch om te gaan met hun vastgoed. De transitie die thans in de zorg plaats vindt heeft grote gevolgen voor de manier waarop tegen vastgoed wordt aangekeken. Het beheer van vastgoed en de financiering daarvan behoort niet altijd meer tot de vanzelfsprekende kern–activiteiten van instellingen. Scheiding van zorgactiviteiten en huisvestings-activiteiten zal steeds vaker mogelijk zijn, al zal dit per sector verschillen. Waar vraagstukken rondom nieuwbouw, investeringen en instandhouding voorheen door wetten en regels werden gedomineerd zal in de toekomst voor de financiering een business case moeten worden opgesteld. Bedrijfsmatige overwegingen zullen de boventoon moeten krijgen.
Adaptief handelen
De vroegere wet- en regelgeving rondom investeringen leidde ertoe dat verstandige instellingen de regelgeving maximaal probeerden te benutten om daarmee toekomstige groei in zowel productie als budget te realiseren. In het afgelopen decennium heeft de overheid voor steeds meer investeringen (en de financiering daarvan) de verantwoordelijkheid teruggelegd bij de instellingen, onder meer door instandhoudingsregelingen en rentenormering.
Bedrijfseconomisch vastgoedmanagement
De overdracht van de verantwoordelijkheid voor (de kapitaalslasten van) vastgoed vormt een grote verandering die zijn impact moet krijgen op de strategie van een instelling. Strategische en bedrijfeconomische afwegingen krijgen de overhand boven optimalisatie van regelgeving. Tegenover elkaar gezet:
Overgangsproblemen (o.a. boekwaardeprobleem)
Na 50 jaar overheidsfinanciering van kapitaalslasten en specifieke voorschriften omtrent afschrijvingen (in 50 jaar) die op gespannen voet staan met de bedrijfseconomische realiteit zijn er diverse scheve situaties ontstaan die de overgang naar vergoedingen op basis van een integrale kostprijs in de weg staan.
Doorgaans staan gebouwen voor een veel hoger bedrag op de balans dan dat de werkelijke waarde is (boekwaardeprobleem). De omvang van dit probleem wordt geschat op € 300 miljoen tot € 900 miljoen. Bij een overgang naar integrale kostprijzen krijgen deze instellingen een forse financiële last als erfenis mee. Verder verschillen de kapitaalslasten per instelling behoorlijk als gevolg van de leeftijd van de gebouwen, hetgeen tot onredelijke verschillen leidt. De overheid probeert tegemoet te komen aan dergelijke problemen door de (tijdelijke) invoering van normatieve kapitaalslastencomponenten. Deze overgangsbepalingen leiden evenwel ook tot nieuwe onzekerheden. Enige ongelijkheid lijkt evenwel onvermijdelijk.
Meer informatie
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met ons kantoor.
Wij komen graag langs voor een vrijblijvende kennismaking.





